Naar de inhoud
Christen Coaching

Kennisbank

Heb je als christelijke coach een eigen website nodig?

Bijna iedereen zegt dat je een eigen website moet hebben. Toch komen de eerste clienten van veel coaches ergens anders vandaan. Hieronder een eerlijk antwoord op de vraag wanneer een eigen site je echt verder helpt, en wanneer je je tijd beter aan iets anders besteedt.

Waar de vraag vandaan komt

Een eigen website voelt als het bewijs dat je praktijk bestaat. Je hebt een adres op internet, je bepaalt zelf wat er staat, en niemand kan het weghalen. Dat is een echt argument, en het is ook de reden dat vrijwel iedereen het adviseert. Waar het misgaat is de volgorde. Veel coaches die hun praktijk aan het opbouwen zijn steken hun eerste maanden in een site, en ontdekken daarna dat er niemand komt. Een website is namelijk geen vindplaats, het is een bestemming. Je hebt er iets voor nodig dat mensen ernaartoe stuurt.

Wat een profiel doet en wat een website doet

Die twee doen niet hetzelfde, en dat is precies waarom de vergelijking vaak scheef gaat. Een profiel op een platform staat op een plek waar mensen al zoeken. Iemand die "christelijke coach in mijn plaats" intypt komt op zo’n verzamelpagina terecht, ziet meerdere coaches naast elkaar en kiest. Je lift mee op de vindbaarheid van het geheel, en je hoeft zelf niets technisch te doen. Wat je inlevert is onderscheid: je staat in een rij, in dezelfde vormgeving als de rest. Een eigen website is andersom. Niemand komt er vanzelf, maar wie er komt ziet alleen jou. Je kunt er alles kwijt wat op een profiel niet past: je manier van werken uitgebreid uitleggen, schrijven over de onderwerpen waar je verstand van hebt, laten zien wie je bent. Voor iemand die twijfelt tussen jou en een ander is dat vaak wat de doorslag geeft. De eerlijke conclusie is dus niet dat het een beter is dan het ander. Het profiel brengt mensen bij je in de buurt, de website overtuigt ze.

Wanneer je nog geen eigen site nodig hebt

Sla het voorlopig over als je nog aan het uitvinden bent voor wie je er precies bent. Een site die je binnen drie maanden helemaal wilt herschrijven omdat je doelgroep verschoven is, heeft je vooral tijd gekost. Hetzelfde geldt als je nog geen woorden hebt voor wat je doet. Een lege site met drie zinnen en een contactformulier oogt zwakker dan geen site. Bezoekers zien binnen een paar seconden of er iemand thuis is. En als je agenda al vol loopt via je kerk, je netwerk of doorverwijzingen: dan is een website een verbetering die je op je gemak kunt doen, niet iets waar je nu je avonden aan geeft. Zet je energie dan liever in een compleet profiel en in je eerste clienten vinden.

Wanneer wel

Er is een moment waarop het kantelt. Dat is meestal als je merkt dat mensen je gaan opzoeken op naam. Ze hebben over je gehoord, typen je praktijknaam in en willen weten wie je bent. Vinden ze dan niets van jezelf, dan mist er iets. Een tweede moment is als je iets te vertellen hebt dat niet in een profiel past. Werk je op een manier die uitleg vraagt, of heb je een specialisme waar weinig anderen iets over schrijven, dan is een eigen site de plek waar dat kan staan. Dat is trouwens ook wat je in Google vooruit helpt: pagina’s over een specifiek onderwerp worden beter gevonden dan een algemene praktijkpagina. En een derde: als je zakelijk gaat werken, met werkgevers of organisaties. Een HR-adviseur die jou overweegt wil een eigen adres zien, niet alleen een profiel.

Wat er minimaal op moet staan

Als je er een maakt, houd hem klein. Vijf dingen zijn genoeg om te beginnen, en die vijf moeten wel echt goed zijn. Een pagina waarop staat voor wie je er bent, in gewone woorden en niet in vaktaal. Een pagina over jou, met een foto waarop je te zien bent en niet alleen je logo. Je tarieven, want een bezoeker die dat nergens vindt haakt af of gaat het aan een ander vragen. Een manier om contact op te nemen die werkt op een telefoon, dus een telefoonnummer of een appknop en niet alleen een formulier. En je praktijknaam met je plaats in de titel van je pagina’s, want daar zoekt men op. Verder hoort er, zodra je met clientgegevens werkt, een kloppende privacyverklaring bij. Zie AVG en privacy voor christelijke coaches.

Wat het kost, eerlijk gezegd

Aan geld hoeft het niet veel te zijn. Een domeinnaam kost een tientje per jaar, hosting een paar euro per maand, en er zijn bouwers waarmee je zelf iets fatsoenlijks in elkaar zet. Laat je het maken, dan varieert het enorm; vraag altijd wat er precies wordt opgeleverd en wie de site later kan aanpassen. Waar het echt in zit is tijd en onderhoud. Een site die je twee jaar niet aanraakt, met tarieven van toen en een agenda die niet klopt, doet meer kwaad dan goed. Reken op een paar uur per kwartaal om hem waar te houden. Kun je dat niet opbrengen, kies dan bewust voor iets kleins dat je wel bijhoudt.

De volgorde die ik zou aanhouden

Eerst zorgen dat je vindbaar bent op de plekken waar mensen al zoeken, met een profiel dat af is: een echte foto, een verhaal in je eigen woorden, je specialisaties en je tarieven. Daarna je Google-bedrijfsprofiel invullen, want dat is gratis en het zet je op de kaart bij zoekopdrachten in je eigen plaats. Pas daarna een eigen site, en dan meteen goed. Doe je het in die volgorde, dan bouw je je website op het moment dat je al weet wie er komt en waarvoor. Dat scheelt een hoop herschrijven. Meer over dat eerste deel staat in je coachpraktijk vindbaar maken in Google.

Ben je nog bezig met de basis van je praktijk, kijk dan ook naar de zakelijke basis van je coachpraktijk.